Vrijwilligerswerk Benin

Vrijwilligerswerk in Benin

In februari 2013 is Nicole als vrijwilliger met Fair2 naar Benin geweest. Ze deelt haar bijzondere ervaring graag in dit interview.

Wil je zelf meer weten over vrijwilligerswerk in Benin? Lees hier meer...

1. Wat is je opdracht?
Ik ondersteun lokale vrouwen bij het vermarkten van hun producten. Concreet is hun vraag te helpen bij het ontwerpen en maken van etiketten voor plaatselijke producten.

2. Hoe is je eerste ervaring met de mensen?
Erg prettig! De bevolking is heel gastvrij. Het belangrijkste is dat je thuis raakt in hun wereld. Ik hou me naast mijn opdracht dus ook veel met andere zaken bezig. Ik heb vooral veel besprekingen, met de lokale school, met de pastoor of met andere mensen. Als je iets voor hen wilt betekenen, moet je echt begrijpen hoe alles werkt. Dat kost tijd.

3. Hoe is de samenwerking met de lokale vrouwen?
Het eerste dat me opvalt is dat de vrouwen minder bezig zijn met ondernemerschap zoals wij dat doen. Ik werk samen met twee vrouwengroepen van ieder vijf personen. De ene groep maakt Fonio (een voedzame graansoort uit deze regio), de andere groep karaté boter. Deze boter wordt voor voedingsdoeleinden gebruikt, maar is ook een huidverzorgingsproduct. Hun vraag is om samen verpakkingen voor hun producten te maken.
Al snel merk ik dat dit een stap te ver is. Wanneer je het goed wilt doen, komt er nog een stap vóór: het definiëren en ontwikkelen van ondernemerschap. Een goed voorbeeld hiervan is dat de Fonio machine al vanaf november 2012 kapot is. Allereerst is het dus belangrijk dat de Fonio machine wordt gerepareerd en dat ze weer Fonio kunnen produceren, voordat we aan de slag gaan met de verpakkingen. Zo’n voorbeeld geeft aan dat je zelf ook veel initiatief moet tonen om hen verder te helpen en niet teveel vast moet houden aan die ene opdracht. Dat is wat ik gedaan heb.

4. Waaruit bestaan je dagelijkse werkzaamheden?
Een groot deel van de dag besteed ik aan besprekingen met lokale mensen. In het begin om de cultuur en hun vragen beter te begrijpen en later om mijn ideeën te delen en te kijken hoe we iets voor elkaar kunnen krijgen. Veel ga ik op zoek naar de juiste potjes om karaté boter in te bewaren en zakjes om de Fonio in te verpakken. Ik help zelfs twee dagen de boekhouding van de eco-logde gedaan en ben natuurlijk op zoek gegaan naar onderdelen om de Fonio machine te repareren.
In de laatste week vraagt de coördinator mij om Engelse les te geven aan de plaatselijke bevolking. Eerst ben ik rustig op de school gaan kijken hoe Engelse lessen daar worden gegeven en vervolgens op internet gaan zoeken hoe ze het beste met een Engelse training kunnen opzetten.

5. Hoe ziet een dag in Koussoukoingou er meestal uit?
Om 7 uur staan we vaak op. Om 8 uur ontbijt. De meeste activiteiten doe ik samen met een Belgische studente die in Koussoukoingou stage loopt. Zo doen we veel van de besprekingen samen. Van 12 tot 3 zijn we meestal vrij. Vanwege de hitte kun je bijna niets ondernemen op dit deel van de dag. Dan lezen we lekker of rusten uit. Daarna werken we weer wat uren en rond 6 uur krijgen we ons avondeten. ’S avonds genieten we van de sterrenhemel en gaan op tijd naar bed.

6. Hoe ervaar je de cultuurverschillen?
Ik moet wel wennen aan de vaak ondergeschikte positie van vrouwen in Benin. Vrouwen worden niet gestimuleerd om initiatieven te tonen. Dat vind ik zonde, want er liggen zoveel meer mogelijkheden voor hen. Vrouwen zijn vaak wel de werkende krachten. Mannen zaaien het land; vrouwen oogsten. Vrouwen zorgen voor hun gezin en hebben daarnaast nog werk waarmee ze voor inkomsten moeten zorgen. Ik heb veel bewondering voor hen.

7. Wat heeft je het meeste geraakt tijdens je hele ervaring?
De armoede. In Cotonou kom je Benin binnen. Je denkt dat je daar de armoede hebt gezien, maar in Koussoukoingou zie je pas de echte armoede. Daar slapen mensen op stenen in hun tata woningen. Ik heb na een tijdje een weeshuis opgezocht in Natitingou, een stad vlakbij Koussoukoingou. De situatie daar is triest, maar gelukkig worden de kinderen wel goed verzorgd. Niet lang daarna zien we kinderen rondlopen in onze eigen gemeenschap. Zij blijken op een internaat te zitten en lopen langs met enorme boomstammen op hun hoofden. Het moet ongelooflijk pijn hebben gedaan. We vragen hen waarom ze die boomstammen dragen. “Wie voor niets zorgt, krijgt geen eten”, is hun antwoord. Dat raakt me, ik vind het heel erg. Die kinderen zien hun ouders maar 3 keer per jaar. En dan de bolle buikjes, vanwege een gebrek aan variatie in hun voedsel. Ik zou daar graag zelf iets aan willen doen. Maar als eenling kun je niet alles veranderen.

8. Wat is je mooiste herinneringen aan deze ervaring?
Eén van de dagen arriveert de ambassadeur van België en een andere dag zelfs een cameraploeg. Beide keren is het groot feest in het dorp. Mensen zijn dan allemaal traditioneel gekleed en dansen vrolijk in het rond. Met hun fluitjes blazen ze op de muziek. Elke keer als ze fluiten, veranderen ze van dans. Samen met de andere buitenlandse gasten heb ik ook meegedanst. Erg leuk!

9. Hoe kijk je terug naar je ervaring?
Ik heb ongelooflijk genoten van mijn tijd in Koussoukoingou! De rust en ontspanning die er heerst. Bij het zien van mijn foto’s vertelt mijn zus me dat ze me al lang niet zo ontspannen heeft gezien. Grappig dat ze dat zelfs op de foto’s ziet. Soms lopen de activiteiten niet zoals gepland, maar ik heb wel alles binnen mijn capaciteiten gedaan om iets bij te dragen.

10. Hoe heb je het afscheid ervaren?
Met een brok in mijn keel. Gelukkig hebben we wel contactgegevens uitgewisseld. Op het einde heb ik het advies gegeven dat het een goed idee zou zijn om een werkplaats te bouwen voor de lokale vrouwen, waar ze hun producten kunnen ontwikkelen. De lokale begeleider vond dat een heel goed idee en is daar meteen mee aan de slag gegaan. Ik hoop dat het werk dat ik daar heb verricht door iemand anders wordt opgepakt. Ik ben benieuwd hoe het daar over een tijdje is.

11. Wat zou je onze vrijwilligers als tip willen meegeven?
Heb respect voor de cultuur en probeer je in te leven in hun levenswijzen. Daarnaast is het ook belangrijk dat je op de hoogte bent van het niveau van de lokale mensen. Veel mensen zijn analfabeet en sommige praktische dingen, zoals knippen, kennen ze daar niet. Het gaat dus allemaal niet zo vanzelf als in Nederland. Toon zelf initiatief: als het niet loopt zoals je wilt, pak dan andere dingen op. Je moet rustig blijven en je proberen aan te passen. En tenslotte is het natuurlijk heel belangrijk om er veel van te genieten!

Wil je zelf meer weten over vrijwilligerswerk in Benin? Lees hier meer...